Stand-Alone Analoge stuurmodule
- DIN-rail module
- Heeft 4 uitgangen die als analoge dimmers (0/1-10V of PWM) of als relais-uitgangen kunnen gebruikt worden
- Kan ook Stand Alone gebruikt worden (zonder Controller)
- 5 rechtstreekse ingangen aan boord zijn voor de aansluiting van standaard drukknoppen
Veelgestelde vragen
-
Bij het uploaden van de gegevens geeft een module steeds Err.255 (Module not found)
Indien er bij het programmeren of verifiëren van een module Err.255 verschijnt, dan kan dit verschillende oorzaken hebben:
Controleer in de eerste plaats of het serienummer correct werd ingetypt zoals weergegeven op het stickertje op de module of op het doosje. Een serienummer bestaat steeds uit 6 cijfers of uit 10 hexadecimale tekens (bvb. 0006B01ADE) waarvan de 4 eerste het moduletype bepalen.
Voer een test uit via “Hulpprogramma’s/Communicatie Check”. Typ hier de laatste 6 cijfers van het serienummer in en klik op “Start Module Test”. Bij perfecte communicatie met deze module moet je een mooi vlakke lijn op 100% te zien krijgen. Indien je een vlakke lage lijn ziet, dan is er nooit communicatie. Indien de lijn gepulseerd is, dan is er slechte communicatie. Controleer dan of de busspanning (+/- 14V) nog correct toekomt op de module of controleer de bekabeling. Probeer de communicatie met de module eens rechtstreeks aan de controller met 2 korte busdraadjes (zonder enige andere aangesloten module) alvorens deze via onze RMA procedure terug te sturen.
Een aantal modules kunnen hun serienummer uitsturen:
- Alle SWC varianten kan je zoeken via “Bestand/Modules/Zoek naar modules”. Na het klikken op “Start zoeken” zullen alle aangesloten schakelaars blauw knipperen. Bij het drukken op een willekeurige toets op de schakelaar, zal deze zijn serienummer doorsturen.
- Alle modules met een serienummer met 10 tekens kunnen we uitlezen via “Hulpprogramma’s/Communicatie Check” indien 1 en slechts 1 module van dit nieuwe type op de bus is aangesloten, door als serienummer “FFFFFF” in te geven.
-
Schakelen van een uitgang via één of meerdere detectoren EN via een druktoets.
Aangezien een detector steeds de exacte status van zijn detectie zal doorgeven naar de geconfigureerde uitgang, is het niet mogelijk om deze zelfde uitgang op meerdere modules te gebruiken.
Wens je dus een uitgang via een detector EN via een druktoets te schakelen, dan moet je deze koppelen via een logicauitdrukking
Bvb.:
ALS ( #Hall Detector1 = Aan
OF #Hall Detector2 = Aan
OF _Hall Druktoets = Aan )
DAN Hall Lamp = Aan ANDERS = Uit
Een voorbeeld configuratie vind je ook op volgende link: Detector_And_Manual.QDB
-
Hoe leest men een bestaande configuratie uit?
Naargelang het type controller is dit een totaal andere procedure.
- Voor de CTD controllers gaat dit als volgt:
In de SMIII via “Bestand” of “Hulpprogramma’s/Setup/SD-kaart” klik je op “Herstel QDB van SD”.
Na de bevestiging kies je de naam en locatie waar het bestand moet bewaard worden. De gezipte QDB file wordt dan uit de SD kaart van de CTD gelezen en bewaard. Bij een positief antwoord op de vraag “Unzip en open restored QDB?” zijn alle gegevens dan onmiddellijk beschikbaar. Indien de gegevens waarmee je nog bezig was niet verstuurd of bewaard werden, dan krijg je eerst nog wel een melding om dit alsnog te doen.
- Voor een CTL controller volg je volgende procedure:
Omdat deze controller nog niet voorzien is van een groot geheugen, kunnen slechts beperkte gegevens gerecupereerd worden. O.a. de namen zijn afgekort op 12 karakters en serienummers zitten nergens gestockeerd.
Een eerste stap is dus via de SMII het intypen van ALLE serienummers via “Bestand/Modules”. Deze 6-cijferige serienummers zijn op elke module (DIN-rail, schakelaar, detector, …) terug te vinden. Voor de SWC0x schakelaars werd er wel een extra mogelijkheid voorzien om deze via “Zoek naar modules” hun serienummer te laten uitsturen.
Wanneer je daarna op de ‘pijl naar beneden’ klikt, kan je al deze beperkte gegevens uitlezen.
-
Gebruik steeds de meest recente software voor configuratie.
Het is steeds aan te raden de meest recente versie te gebruiken. Hierin worden steeds de nieuwste modules ondersteund en werden ook alle gekende bugs opgelost.
Indien je bvb een serienummer intypt en de juiste module info verschijnt niet, dan zal je vermoedelijk niet met de meest recente software werken.
Een nieuwere versie zal steeds de oudere files (.QDB) kunnen openen, zonder gegevensverlies.
De nieuwste System Manager software, bijhorende handleiding en versiebeheer vind je in het kenniscentrum.
Bediening
Bedieningen via Qbus Contol
-
Dimmer
De uitgangen van deze module kan je via Qbus Control AAN of UIT zetten met de knoppen onderaan.
Door omhoog of omlaag te vegen kan de de status wijzigen naar een waarde tussen 0 en 100%.
Met het grafiek symbool in de rechter bovenhoek kan je de historische data raadplegen.
- 24 uur: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 24 uur.
- 7 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 7 dagen. Je ziet ook meteen welke dag deze uitgang het langst en het kortst heeft aan gestaan. Door te tikken op een dag kan je in detail zien hoelang deze uitgang heeft aan gestaan.
- 30 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 30 dagen. Je ziet ook meteen welke dag deze uitgang het langst en het kortst heeft aan gestaan. Door te tikken op een dag kan je in detail zien hoelang deze uitgang heeft aan gestaan.
-
-
Aan / Uit
De contacten van deze schakelmodule kan je via Qbus Control AAN of UIT zetten.
Met het grafiek symbool in de rechter bovenhoek kan je de historische data raadplegen.
- 24 uur: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 24 uur.
- 7 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 7 dagen. Je ziet ook meteen welke dag deze uitgang het langst en het kortst heeft aan gestaan. Door te tikken op een dag kan je in detail zien hoelang deze uitgang heeft aan gestaan.
- 30 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 30 dagen. Je ziet ook meteen welke dag deze uitgang het langst en het kortst heeft aan gestaan. Door te tikken op een dag kan je in detail zien hoelang deze uitgang heeft aan gestaan.
-
-
Thermostaat
Via System Manager kan je op elke contact van deze module een Thermostaat uitgang leggen. Deze thermostaat kan je dan eenvoudig bedienen met Qbus Control.
Je kan onderaan een regime kiezen, dit zijn een aantal vooraf ingestelde temperaturen. Je kan er ook voor kiezen om zelf de temperatuur in te stellen door omhoog/omlaag te vegen.
Aan de linkerkant zie je de gemeten temperatuur, aan de rechterkant de ingestelde.
Met het grafiek symbool in de rechter bovenhoek kan je de historische data raadplegen.
- 24 uur: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 24 uur. De lijn toont jou het verloop van de gemeten temperatuur, de staafjes tonen de ingestelde temperatuur.
- 7 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 7 dagen. De lijn toont jou het verloop van de gemeten temperatuur,
- 30 dagen: Hier zie je de status van deze I/O voor de laatste 30 dagen. De lijn toont jou het verloop van de gemeten temperatuur,
-
Technische info voor installateurs
-
Functiebeschrijving
De ANR04SA is geschikt om 4 analoge dimmers (0/1-10V of PWM) of 4 relais (16A elk) of een combinatie van beiden
te schakelen. Elke analoge uitgang controleert een relaiscontact dat uitschakelt wanneer de analoge uitgang op 0% staat. Deze dimmers kunnen gebruikt worden voor het aansturen van LEDs, TL-lampen, ventilatoren,… Het is ook mogelijk de relais te gebruiken als een AAN/UIT uitgang voor het aansturen van verlichting, stopcontacten,… En dit
alles zonder controller en programmatie.
Standaard staan de uitgangen van de ANR04SA ingesteld in Dimmer-mode met een minimum dimniveau van 10%.
In geval zware belastingen of tweepolige applicaties worden aangesloten, moeten contactoren toegevoegd worden. Een relaiscontact van de ANR04SA zal dan de spoel van de contactor activeren.
De module heeft eveneens 5 potentiaalvrije ingangen voor het koppelen van standaard drukknoppen. Ingang 1 tot 4 bedient respectievelijk uitgang 1 tot 4, ingang A is een sfeeringang die bij 0,7 seconden duwen (en dan los laten) een ALLES UIT sfeer uitvoert, en bij 3 seconden duwen (blijven duwen) een PANIEK-SFEER (Alles Aan) uitvoert.
Standaard staan de ingangen als druktoets ingesteld.
De module bevat eveneens 4 LED-uitgangen voor terugmelding op de schakelaars. Hiervoor moet een externe voeding (van 5-24V, afhankelijk van de gebruikte Leds) geïnstalleerd worden.
Het is eveneens mogelijk de ANR04SA via een Qbus controller te configureren en dan de Controller weg te nemen. Op die manier kunnen de uitgangen in standalone mode ingesteld worden met een vertraagde AAN, vertraagde UIT of time OFF (=Timer 1)- functie (indien uitgang als
Relais wordt gebruikt). Indien de uitgang als dimmer of PWM wordt gebruikt kan een Time OFF, Minimum Dimniveau en DimStart (niveau bij aansteken dimmeruitgang) ingesteld worden.Ingangen 1-4 werken steeds als drukknop indien de uitgang in dimmer- of PWM-mode staat. Indien een uitgang in relaismode staat kunnen de ingangen als Normaal Open, Normaal Gesloten, drukknop en schakelaar ingesteld worden. Ingang 5 (de sfeer-ingang) kan enkel als NO, NC en
drukknop ingesteld worden.Wanneer de ANR04SA als deel van een Qbus domoticainstallatie wordt gebruikt (dus met een controller) kan via de Qbus configuratiesoftware de functie van de in –en uitgangen nog verder aangepast worden. Let wel: de ingangen 1 tot 4 blijven steeds enkel de uitgangen 1 tot 4 sturen en kunnen dus niet gebruikt worden om andere uitgangen te sturen. Op de sfeeringang “Ingang A” moet wel een sfeeruitgang toegewezen worden bij gebruik van de ANR04SA met de controller.
Indien de module na een stroomonderbreking opnieuw wordt opgestart zullen de uitgangen opnieuw in hun laatste positie staan.
Een tweepolige automatische zekering van maximum 16A moet op de modulevoeding aangesloten worden. -
Technische gegevens
ALGEMENE SPECIFICATIES :
- Voeding : 230Vac +-10%, 50Hz - maximum bescherming 16A/2P
- Doorslagspanning : getest op 3 kVac
- Typisch verbruik: 9 VA maximum – alle relaisuitgangen aan.
- Omgevingstemperatuur : Operationele temperatuur: 10°C tot 50°C Temperatuur in stockageruimte: -10°C to 60°C • Maximale vochtigheidsgraad : 93%, geen condensatie
- Busbelasting : 10mA bij nominale spanning 13,8V.
- Interne zekering: 500mAT enkele fase.
- Maximale installatiehoogte : 2.000 meter.
UITGANGEN MODES:
- In Stand-Alone staan de uitgangen standaard in Dimmermode, met een 10% minimum dimniveau. Door gebruik van de knoppen op de module kan de uitgang in relais (AAN/UIT) of PWM mode gezet worden, en kan het minimum dimniveau aangepast worden (zie onder topic “Manuele Bediening”).
- Dimmermode en PWM-mode: o In Stand-Alone Mode is enkel een 1-toetsbediening van de dimmer mogelijk. Bij gebruikt met een controller is ook 2-toets bediening mogelijk.
Parameters:
o Stand-Alone kan Minimum Dimniveau ingesteld worden via drukknop op module.
o Instelbaar met Controller: Time OFF en DimStart (niveau bij aansteken dimmeruitgang) - wordt in Stand-Alone mode uitgevoerd.
o Met Controller: Fade In, Fade Out
• Relais-mode
o Parameters:
- Instelbaar met Controller: vertraagd AAN, vertraagde UIT of time OFF (=Timer 1) - wordt in Stand-Alone mode uitgevoerd.
- De relais volgt de dimmer (0% = relais uit, anders = relais aan) in Dimmer en PWM modes.
- Bij koppeling met een Controller wordt de mode van de uitgang toegewezen via de Qbus configuratie software. Bij afkoppeling van de Controller zullen de uitgangen die als Timer waren geconfigureerd allemaal als Timer 1 gezet worden. UITGANGEN: SPECIFICATIES
- ANA/PWM 1-4: 4 analoge uitgangen. Elke uitgang kan: o Max 4mA Source (analoog uit 0-10V) o Max 20mA Sink (analoog uit 1-10V) o PWM uit (vanuit interne voeding) 10V max. 4mA o PWM uit (vanuit externe voeding) 10-24V
- Relais 1 – 4: 4 potentiaalvrije normaal open contacten. o Indien de uitgangen in Dimmer of PWM mode staan gaan de relais schakelen in functie van de Dimmer/PWM (relais trekt aan als dimmer boven 0 of 1V komt en gaat uit als dimmer op 0 of 1V komt). o Indien de uitgang in Relaismode staat werkt deze standaard AAN/UIT.
• Relais:
- Contactweerstand: 100mW o Set/Reset tijd : 15ms max / 5ms max
- Levensduur: 20 miljoen operaties
- Maximale stroom : Resistieve belasting (cosj = 1) 16A bij 230Vac / 30VDC Inductive belasting (cosj = 0,4; L/R = 7 ms) 8A bij 230Vac / 30VDC o Maximaal schakelvermogen: Resistive belasting (cosj= 1) 3680VA bij 230Vac 480W bij 30Vdc Inductive belasting (cosj = 0,4; L/R = 7 ms) 1840VA bij 230Vac 240W bij 30Vdc Het is ten stelligste aangeraden om deze waarden niet te overschrijden
- indien dit wel het geval zou zijn moet een externe contactor gebruikt worden.
INGANGEN:
- 1-A: 5 potentiaalvrije contacten.
- Ingangssignaal-vertraging : - bij sluiten van contact : max 100ms - bij openen van contact: max 100ms
- Ingangsfunctie: standaard als druktoets ingesteld o Uitgang in Dimmer of PWM-mode: ingang kan enkel als druktoets werken. Enkel 1-toets bediening mogelijk in Stand-Alone versie; met een Controller is 2-toets bediening mogelijk.
- Uitgang in Relais-mode: standaard drukknop, via Controller in te stellen in NO, NC, Schakelaar, Drukknop.
Ingang A (sfeer): standaard drukknop, via controller NO/NC in te stellen (geen schakelaar).
LET OP: INDIEN DE SFEERINGANGEN (INGANG A) VAN VERSCHILLENDE STAND-ALONE MODULES MET ELKAAR GEKOPPELD ZIJN, EN EEN CONTROLLER AAN DE INSTALLATIE WORDT TOEGEVOEGD, MOET EEN SFEER WORDEN AANGEMAAKT VIA DE QBUS CONFIGURATIESOFTWARE EN AAN SLECHTS 1 VAN DE ONDERLING VERBONDEN INGANGEN WORDEN TOEGEKEND!
FYSISCHE SPECIFICATIES
- Behuizing: Plastiek, zelfdovend in overeenstemming met UL94-V0
- Beschermingsgraad : IP20, EN60529
- Installatie : snelle installatie op DIN-RAIL, breedte 6 modules
- Dimensies (HxBxL) : 62mm x 89mm x 107mm
- Gewicht: ongeveer 0,412 kg ELEKTRISCHE BEVEILIGING
- Bus: 13,8VDC laagspanning.
- In overeenstemming met EN50491-5-1, EN50491-5-2, EN60529
- Doorslagspanning : module is getest en goedgekeurd op 3kVac. (50 Hz, 1 min)
- Niet-toxisch, in overeenstemming met WEEE/RoHS
CE
- Qbus verklaart dat dit product voldoet aan alle toepasselijke Europese richtlijnen en verordeningen.
- De EU-conformiteitsverklaring kan geraadpleegd worden op onze website www.qbus.be.
-
Dimensionering
-
Verklaring symbolen
Apparatuur waarbij de bescherming tegen het risico van elektrisch contact niet alleen gebaseerd is op basisisolatie, maar ook op aanvullende bescherming zoals dubbele isolatie of versterkte isolatie. Er is geen mogelijkheid tot aarding.
Voordat u het apparaat aansluit, is het verplicht om de handleiding van het betreffende product te lezen. ISO7000-0434
Netaansluiting (230V) op de voedingsconnector. IEC 60417-5036
CE-conformiteit. Alle conformiteitsverklaringen zijn verkrijgbaar op aanvraag.
-
Garantiebepaling
2 jaar vanaf leverdatum. De garantie geldt niet langer indien de module geopend werd! De garantieperiode wordt met 2 jaar verlengd indien deze werd geplaatst door een erkende Qbus installateur.
Bij defecten dient Qbus support gecontacteerd te worden door een erkende installateur. Na registratie bij Qbus support, kan de defecte module met een beschrijving van het defect, vrij van zegel verstuurd worden naar onze Qbus support.
Contactgegevens:
Qbus NV
Joseph Cardijnstraat 19
B-9420 Erpe-Mere
Tel: +32 (0)53 60 72 10
Fax: +32 (0)53 60 72 19
Email: support@qbus.be
Algemeen
-
Veiligheidsvoorschriften
Lees de volledige handleiding vooraleer de module te installeren en het system te activeren.
OPGELET
- De module moet geïnstalleerd, opgestart en onderhouden worden door een erkende elektrische installateur in overeenstemming met de geldende legale voorschriften van het land.
- Deze module is alleen geschikt voor DIN-rail installatie EN50022. De module moet geïnstalleerd worden in een brandvrije, gesloten verdeelkast met ventilatieroosters.
- Vooraleer aan de ANR04SA te werken moet de spanning afgezet worden
- Enkel 1 fase is afgezekerd. Zelfs in geval de zekering doorgesmolten is kan er nog spanning aanwezig zijn in de module
- De module mag niet geopend worden. De garantie vervalt indien de module geopend wordt!
Installeren en bekabelen
-
Plaatsing
Klik de module op een DIN-rail DIN EN50022.
-
Voeding
OPGELET : ONDERBREEK DE STROOMVOORZIENING NAAR DE MODULE VOORALEER AAN DE MODULE TE WERKEN!
Een tweepolige automatische zekering van maximum 16A moet op de modulevoeding van 230Vac aangesloten worden. Doorsnede van de geleider: minimum 1,5mm². Verwijder ongeveer 7mm isolatie van de geleider en schroef de geleider in de connector L-N. -
Belasting
Connecteer de belastingen op de uitgangsconnectoren. De doorsnede van de geleider bij maximale belasting: minimum 1,5mm². Verwijder ongeveer 7mm isolatie van de geleider en schroef de geleider in de connectoren OUT1 – OUT4. Indien op een relais stopcontacten aangesloten worden, moet er een aparte contactor aangesloten worden (2P/20A contactor is vereist).
-
SA-ingangen
Verwijder ongeveer 7mm isolatie van de kabel en duw de kabel in de terminals 1 tot A. Zowel vaste als soepele draad tussen 0,5 – 1, 5 mm2 kan gebruikt worden; bij soepele draad moet met een schroevendraaier op de terminal geduwd worden bij het induwen van de draad. Ingang 1/2/3/4 bedienen respectievelijk uitgang 1/2/3/4. Ingang A is standaard ingesteld als een sfeer-ingang: door de drukknop die op deze ingang gekoppeld zit na 0,7 seconden in te duwen los te laten, gaan alle uitgangen naar de uit-status; door deze ingang langer dan 3 seconden te bedienen gaan alle uitgangen naar de aan-status. Door bovenaan op de terminal te duwen met een schroevendraaier kunnen de draden uit de terminals getrokken worden.
-
Stand Alone LED-terugmelding
Een externe 5-24Vdc voeding kan worden aangesloten op de ANR04SA om een LED-terugmelding te geven voor bij voorbeeld de rechtstreeks aangesloten druktoets(en).
-
BUS-aansluiting
Gebruik de groene afgeschermde EIB-kabel als de aanbevolen kabel wanneer de geleiders per 2 samen worden getorst om een sectie van minimaal 2 x 1 mm² te verkrijgen. Je mag een kwalitatief gelijkwaardige kabel gebruiken. De afscherming van de buskabel moet, en mag slechts, aan één uiteinde aangesloten worden op de algemene aarding van het gebouw.
Aansluitschema
-
Stand Alone
Optie 1: Als Stand-Alone
Meerdere ANR04SA modules kunnen met elkaar of met andere modules uit het SA gamma (REL04SA, DIM04SA, DIM02SA) gelinkt worden.
Optie 2: meerdere drivers
-
Met Qbus Controller
Optie 3: Hybride 1x driver 2x drukknop
Optie 4: Met controller als deel van een volledig Qbus systeem
-
Stand Alone
De knopjes op de module worden gebruikt om de uitgang rechtstreeks van op de module te bedienen, of om de mode van de uitgang te kiezen (Dimmer, Relais, PWM) of het minimum dimniveau van een dimmeruitgang in te stellen. Standaard staat de uitgang als een Dimmer met een minimum dimniveau van 10% ingesteld. Om dit te wijzigen moet volgende procedure gevolgd worden:
1) Zorg ervoor dat alle uitgangen UIT zijn (= alle oranje LEDs zijn uit).
2) Duw tegelijk op knopje 1 en 2 gedurende vijf seconden.
3) De rode STATUS LED op de module zal 5 seconden rap knipperen, en dan op een tragere snelheid beginnen knipperen.
4) Nadat de STATUS LED traag is gaan knipperen laat je 1 van beide knopjes los, en 2 seconden nadien laat je het andere knopje los. De rode STATUS LED blijft nu knipperen: de module is in configuratie-mode.
5) De uitgangen staan standaard ingesteld als dimmer. Indien de uitgangen als Relais (AAN/UIT) of als PWM moeten werken, kan dit ingesteld worden door een aantal keer te drukken op het knopje van de respectievelijke uitgang. De oranje LED licht op per keer dat er geduwd wordt. Zie onderstaande tabel - naast de mode staat hoeveel keer er op het knopje moet geduwd worden:
Mode Aantal maal drukken Dimmer
1
Relais (AAN/UIT)
2
PWM invers
3
PWM positief
4
Indien gedurende 4 seconden niet geduwd wordt op de knopjes gaat de module automatisch uit de configuratiemode - de rode STATUS LED zal stoppen met knipperen.
6) Voor dimmer- en PWM-mode kan ook het minimum dimniveau in Stand-Alone mode ingesteld worden. Volg opnieuw stap 1) tot 4) om in de configuratiemode te geraken. Zie onderstaande tabel hoeveel keer er moet geduwd worden voor welk minimum dimniveau (dan kan je niet onder dit niveau dimmen - te gebruiken indien bepaalde verlichting bij zeer lage dimniveaus begint te knipperen):
Minimum Dimniveau (DimMin) Aantal maal drukken 0%
5
10%
6
20%
7
30%
8
Als één van de knopjes tijdens de setup mode voor 5 seconden ingedrukt wordt, dan wordt het respectievelijke kanaal in DEFAULT mode gezet (Dimmer-mode en 10% minimum dimniveau). Een geslaagde RESET uit zich in het 10 keer SNEL knipperen van de led van dat kanaal. De setup mode blijft actief.
OPGELET: het kiezen van de uitgangsmode en (indien dimmer of PWM) het minimum dimniveau moet in AFZONDERLIJKE stappen gebeuren. Zet de module in configuratie-mode, selecteer de belasting (1 tot 4 keer duwen), ga uit de configuratie-mode, ga dan opnieuw in de configuratie-mode, selecteer dan het minimum dimniveau (5 tot 8 keer duwen).
-
System Manger III
Via de SMIII kan je elke module via de bus configureren. Dit wordt via ons kenniscentrum verduidelijkt.
De analoge dimmermodules worden gebruikt om externe dimmers met ingangsspanningen 0-10V /1-10V aan te sturen. Het enige verschil tussen ANA04 en ANR04SA is dat het eerstgenoemde type geen relais bevat, terwijl de ANR04SA voorzien is van relais via dewelke de belastingen, aangesloten op de externe dimmer, volledig kunnen worden geïsoleerd wanneer de I/O ingesteld is op 0%. In het geval van de AN04 kan de op de dimmer aangesloten lamp nog branden, afhankelijk van de minimale output van de dimmer.
Ook kunnen op de ANR04SA bistabiele I/O’s gebruikt worden.Zowel de ANA04 als de ANR04SA worden door de system manager herkend aan een uniek serienummer. De programmering is vergelijkbaar. Beide kunnen worden geconfigureerd als 1T-dimmer of als 2T-dimmer. De volgende toelichting van programmering en bediening is van toepassing op de twee modules.
Wanneer u het serienummer van een ANA04 in het venster van de modules hebt ingevoerd, verschijnt het volgende venster.
Modus: Kan een 1T-dimmer of een 2T-dimmer zijn. De ANA04 kan ook thermostaat I/O’s aansturen
Voor een ANR04SA ziet het scherm er als volgt uit:
Net zoals bij de andere Qbus Stand-Alone modules zal indien de module in Stand-Alone mode wordt gebruikt, de vijfde ingang (Input 5 (All Off/On) als een Alles Uit-knop werken (kort duwen), en als Paniekknop bij lang duwen.
Van zodra de module niet langer in Stand-Alone mode wordt gebruikt, dus indien ze aan een controller wordt aangesloten en via de bus spanning krijgt, werkt de vijfde ingang anders. Nu moet een sfeer worden aangemaakt via de System Manager en toegekend worden aan deze ingang (op het veld “Input 5”). Bij kort duwen wordt deze sfeer dan uitgevoerd. LET WEL, bij lang duwen wordt automatisch de volgende sfeer in de lijst van aangemaakte sferen in de Qbus System Manager uitgevoerd. Zorg er dus voor dat daar rekening mee gehouden wordt!
BELANGRIJK:
- indien meerdere Stand-Alone modules onderling verbonden zijn op deze vijfde ingang, mag slechts op 1 module een sfeer worden toegekend – bij alle overige verbonden modules moet de sfeeringang (Input 5) leeg blijven!
- Voor de sferen die gebruikt worden in de 5de ingang van SA modules, mogen GEEN VERTRAGINGSTIJDEN worden ingesteld op sfeerniveau zelf. De vertragingstijden worden hier ingegeven in het scherm van de module.De I/O’s kunnen vanuit de system manager geactiveerd worden door middel van de toets Test of Op/Neer, en de momentane status kan geraadpleegd worden door de toets "Lees stand" in te drukken.
Zie de overeenkomstige afdelingen over het aansturen van de relaismodules via diverse modules.